1. Wat bedoelen we hiermee? Wat is de reikwijdte van de maatregel?

Bruggen bestaan veelal uit losse elementen die vaak gewoon uitwisselbaar zijn (niet alleen houten). Uitzondering hierop zijn de vaak grotere betonnen viaducten die in verschillende vormen in het werk gestort zijn. De NTA 8085:2021 nl geeft technische aanwijzingen voor het flexibel en demontabel bouwen van vaste bruggen en viaducten. 

Kleinere bruggen kunnen veelal redelijk eenvoudig in zijn geheel verplaatst of herplaatst worden. Denk na bij stadsuitbreiding of -inbreiding waar eventueel een brug overbodig zal gaan worden. In een ideale situatie zou je deze natuurlijk in je eigen areaal weer kunnen hergebruiken. Op de site van de nationale bruggenbank kan je eventueel je eigen brug of brugonderdeel aanbieden, maar natuurlijk ook kijken wat er aangeboden wordt en eventueel geschikt is voor vervanging in je eigen areaal. 
 
Delen van bruggen kunnen vaak prima één-op-één worden hergebruikt voor andere bruggen als ze om wat voor reden dan ook overbodig zijn. Denk hierbij aan een veranderende omgeving of (deels) einde levensduur van het object. 

Tevens zijn onderdelen die uit de sloop van gebouwen komen vaak ook redelijk makkelijk na een kleine aanpassing te hergebruiken. 

Bij ‘sloop’ van objecten  is het dus zinvol om vooraf een quickscan te maken of en zo ja welke delen er kunnen worden hergebruikt, zodat deze netjes worden gedemonteerd.  

2. Waarom deze maatregel?

Hergebruik van bouwmateriaal is het meest duurzame en circulaire wat je kunt doen om de milieu-impact en het uitputten van natuurlijke hulpbronnen te beperken. 
Vaak is dit ook de eenvoudigste manier, maar vergt het vooral afstemming van de beschikbare bouwmaterialen met het tijdstip waarop ze nodig zijn. 

3. Regelgeving

Er zijn verschillende richtlijnen, normen en keurmerken die van belang zijn voor het hergebruik van materiaal voor bruggen. 

CROW | CUR-richtlijn 4 Hergebruik constructieve prefab betonelementen 
Deze richtlijn geeft aan wat de beste mogelijkheden zijn voor hergebruik van vrijkomende betonelementen in bouwwerken. 

NTA 8713:2023 nl: hergebruik van constructiestaal 
Nen-normen garanderen dat je voldoet aan de eisen die de wet stelt. 
De norm NTA 8713:2023 nl beschrijft de procedure om de geometrische en materiaaleigenschappen te bepalen van staalprofielen die uit een ander werk vrijgekomen zijn om in een nieuw werk weer te kunnen hergebruiken. 

Stichting Kwaliteit voor de Houtverwerking: onafhankelijke certificering 
Circulair bouwen met hout betekent dat je te maken krijgt met tweedehands hout, waarbij onafhankelijke certificering van de kwaliteit van het hout een meerwaarde op zal leveren. 
Tevens certificeren ze organisaties, waarmee ze onder andere aan kunnen aantonen dat het product aan de normen voldoet en de organisatie en processen efficiënt en duurzaam verlopen. 

4. Wie moet wat doen?

Opdrachtgevers kunnen door de contractvorm, inhoud van het contract en ervaring en competenties van de aannemer al zorgen dat ze een gemotiveerde opdrachtnemer aan tafel krijgen om het werk uit te voeren. 

Wat vooral van belang is dat de asset manager of beheerder het aandurft om anders te denken en anders te doen. Intrinsieke motivatie om duurzaam en circulair te werken is nog altijd een must, want je zult het zelf uit moeten zoeken hoe je dat allemaal het beste vorm kunt geven. Ga op zoek naar ‘laaghangend fruit’ en neem een eerste stap zonder veel risico te lopen, bijvoorbeeld met hergebruik van materiaal bij vervanging van een klein voetgangersbruggetje in een park. 

Zorg dat je areaal en de kwaliteit ervan goed in beeld is en probeer ook altijd een beheerdersoordeel te vormen door zelf op onderzoek uit te gaan. Zo krijg je in combinatie met de inspecties het beste beeld van de staat van onderhoud en noodzaak tot vervanging. 
Bij houten bruggen kun je bijvoorbeeld resistograafmetingen uit laten voeren om de kwaliteit van het hout te meten. Dit is ‘noodzakelijk’ om vervanging in te plannen, maar tevens ook handig om te weten of het hout nog goed genoeg is om in kleinere delen te hergebruiken. 
Maak op basis van de inspecties, nadere onderzoeken en je eigen oordeel een onderhouds- vervangingsprogramma op basis waarvan je delen van de oogst uit je eigen areaal weer kunt hergebruiken voor onderhoud of vervanging in de meerjarenplanning. Zo zou je alles redelijk goed op elkaar af moeten kunnen stemmen. 

Tip: Met de herbruikbaarheidsscan kun je onderzoeken welke onderdelen van kunstwerken potentie hebben om te hergebruiken. 

Wees bewust dat je ook af en toe tegen je eigen gezag in moet durven gaan, waarbij je steun nodig hebt van je leidinggevende. Stedenbouwkundige plannen en ontwerpen zullen namelijk vaak niet overeenkomen met wat er beschikbaar is aan materiaal. Na enkele jaren weet je steeds beter  wat er allemaal mogelijk en beschikbaar is, waardoor je op basis daarvan wellicht enkele ‘standaard’-ontwerpen kunt gaan maken samen met een ontwerper of stedenbouwkundige. 

5. Praktijkervaringen

6. Veelgestelde vragen

Hoe weet ik of de hergebruikte materialen nog goed zijn? 

Dat beoordeel je op basis van de richtlijnen, normen en keurmerken die in punt 3 zijn benoemd. Bij hout kan je resistograafmetingen laten uitvoeren. 

Is hergebruik duurder?

Dat is afhankelijk van een aantal factoren. Je hoeft minder nieuw materiaal in te kopen, maar het kost wel moeite (arbeid) om alles te demonteren, sorteren en op maat te zagen. De ervaring van de provincie Gelderland is dat hergebruik duurder is als je 'tweedehands' koopt en even duur als je zelf al materiaal beschikbaar stelt. 

Hoe ga je om met kleur- en maatverschillen? 

In Arnhem mag het juist zichtbaar zijn dat er hergebruikt materiaal is gebruikt: “We schaven bewust niet alle kanten van het hout, zodat één of meerdere zijden een grijs groenige gebruikte uitstraling hebben en het zichtbaar is dat dit eerder is toegepast. Uiteraard zal dit binnen enkele jaren geheel wegtrekken en zal alles hetzelfde ogen.”