Terug naar de inhoudsopgave van het Doeboek Duurzame Infra
1. Wat bedoelen we hiermee?
Deze paragraaf zoomt in op hergebruik van stalen damwanden. Onder ‘Praktijkervaringen’ vind je ook een voorbeeld van hergebruik van betonnen damwanden.
Stalen damwanden zijn versterkte stalen profielen die in de grond worden gedrukt of getrild. Bijvoorbeeld om grond of water tegen te houden, of een constructieve wand te vormen. Een damwand die vrijkomt – bijvoorbeeld na een herinrichting – kan opnieuw worden gebruikt als de kwaliteit nog goed is.
2. Waarom deze maatregel?
Een nieuwe stalen damwand laten maken kost veel energie en schaarse grondstoffen. Het hergebruiken van stalen damwanden zorgt voor een aanzienlijk kleinere belasting op het milieu. Zo worden er minder schaarse grondstoffen gebruikt, en is er veel minder energie nodig omdat er niet opnieuw een damwand geproduceerd hoeft te worden. Hierdoor komt CO2 vrij.
3. Regelgeving
Voor nieuwe stalen damwanden gelden de volgende ontwerp- en technische normen:
De NEN-EN 1993-5 omvat de constructieve eisen voor stalen damwanden.
De NEN-EN 1997-1 en NEN 9997-1 omvat de eisen voor geotechnisch ontwerp en stabiliteit.
De NEN-EN 12063 omvat de uitvoeringseisen voor damwandconstructies.
De NEN-EN 10248 en NEN-EN 10249 omvat de materiaaleisen voor stalen damwanden.
Nieuwe damwanden worden volgens deze productnormen gemaakt. Maar na verloop van tijd zal de damwand onderhevig zijn aan corrosie, slijtage en schades. Hierdoor kan bij hergebruik niet altijd meer worden uitgegaan van deze productnormen. Ook is informatie over de staalsterkte niet altijd meer bekend bij hergebruik. Daarom werkt de werkgroep Hergebruik stalen damwanden aan een aanvulling op de huidige NTA 8713. De herschreven norm moet richtlijnen geven om hiermee om te gaan. De werkgroep is een initiatief van Bouwen met Staal en bestaat uit partijen uit de GWW-branche.
4. Wie moet wat doen?
Hergebruikte damwanden inzetten begint al in de voorbereidingsfase van je project. Spreek hier alvast met je projectteam de intentie uit om duurzaam te werken. Op deze manier sorteer je al voor op een aanpak gericht op hergebruik bij het maken van de eerste keuzes en overwegingen. Het is aan de projectleider om te bepalen of de aard van de constructie hergebruikte damwanden toelaat en aan welke minimale eisen de damwanden moeten voldoen. Deze eisen hangen af van het project, de locatie en de functie van de damwanden. Stel – eventueel samen met een ingenieursbureau – onder andere vast:
Waar de damwand wordt geplaatst en wat de nieuwe functie wordt.
Of de damwand gronddicht en/of waterdicht moet zijn.
Hoe lang de damwand mee moet gaan.
Welke staalkwaliteit je minimaal nodig hebt voor de sterkte van de wand.
Wat de maximaal toegestane afname van materiaaldikte mag zijn als gevolg van roest.
Welke mogelijke schade, zoals gaten of gesleten verbindingen, je wel en niet toestaat.
Of je reparaties bij schade toestaat.
Welke planklengte(s) je nodig hebt.
Welk type plank goed zou passen.
Deze eisen, afwegingen en randvoorwaarden samen vormen het Programma van Eisen (PvE), als onderdeel van een contract. Hiermee kan de inkoper een uitvraag opstellen naar de markt. Bepaal als projectleider vooraf met het projectteam hoe streng je deze eisen wilt hanteren. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat de voorgestelde plank in het PvE later niet beschikbaar is in de markt. Dit vraagt om enige flexibiliteit.
De aannemer maakt een voorstel op basis van het materiaal dat hij en leveranciers beschikbaar hebben
De opdrachtnemer controleert de staat van de planken. Hij of zij meet de lengte, dikte en daadwerkelijke sterkte van de planken. Ook onderzoekt de opdrachtnemer of er een coating aanwezig is, of er zware metalen aanwezig zijn zoals PAK’s of chroom-6, en of er modder van een verontreinigde bouwkuip aan het staal zit. Probeer ook te achterhalen of er informatie beschikbaar is over de geschiedenis van de plank: hoe vaak is de plank gebruikt, op welke locatie? Tot slot keurt de opdrachtnemer de fysieke staat van de damwand door de rechtheid van de plank te bepalen en schades te beoordelen. Kijk ook of er verbindingen (sloten) gesleten zijn. Gesleten sloten kunnen uit elkaar lopen tijdens het aanbrengen. Dit wil je voorkomen.
5. Praktijkervaringen
Het Havenbedrijf Rotterdam heeft 1,5 kilometer aan damwanden hergebruikt. Het gaat om een waterkering die is gemaakt uit verschillende typen damwandplanken. Hiervoor stelde het Havenbedrijf samen met een ingenieursbureau het Programma van Eisen en een uitvraag aan de markt op. Daan van der Gaag, staalspecialist bij het Havenbedrijf, benadrukt de noodzaak van samenwerking: “Elk project waar hergebruik wordt toegepast, is uniek. Ook als het om het uitvragen van hergebruikte damwanden gaat. Geen enkel project is gelijk omdat de eisen telkens anders zijn.”
Dit vereist constante afstemming en om gezamenlijk consensus zoeken tussen de aannemer en de opdrachtgever, in tegenstelling tot werken met nieuw, gestandaardiseerd materiaal. Daan: “Je moet het echt samen doen. Dat betekent dat je soms je uitgangspunten een klein beetje moet aanscherpen of versoepelen. Zonder het belang van je project uit het oog te verliezen.”
“Zo kun je als opdrachtgever bepaalde typen en sterktes van de planken in gedachten hebben, maar het kan zomaar zijn dat die planken op dat moment niet in de markt beschikbaar zijn. Daar is een zekere mate van flexibiliteit nodig, aan beide kanten. De aannemer is de partij die weet wat er op de markt beschikbaar is en wat zij zelf in voorraad hebben en moet met alternatieven komen. Op basis van de daadwerkelijke beschikbaarheid van hergebruikte materialen.”
De provincie Noord-Holland beheert 250 kilometer aan vaarwegen en ruim 500 kilometer aan oevers. Oeverconstructies worden periodiek gecontroleerd en bij einde levensduur vervangen. Om dit slim en op een duurzame manier aan te pakken startte de provincie in 2020 met het programma Duurzame oeververvanging en sloot daarvoor een samenwerkingscontract van zes tot acht jaar af met een aannemerscombinatie.
Binnen dit contract ligt de focus op duurzaamheid door het verminderen van de milieu-impact (80% minder MKI), het verhogen van de biodiversiteit in en aan het water, en het bieden van eerlijk werk voor eerlijk geld. Onlangs zijn die milieudoelen zelfs naar boven toe bijgesteld: op naar 95% minder milieukosten! De lange samenwerking tussen provincie en aannemerscombinatie maakt doorlopende verbeteringen mogelijk. Van elk project leer je, en die leerpunten breng je in het volgende project weer in. Je daagt elkaar uit om de doelen scherp te houden en de lat hoger te leggen.
Vanuit het oeververvangingsproject in het Twentekanaal deed zich de kans voor om 10,5 kilometer aan stalen damwanden over te nemen — ook al was er nog geen definitieve plek voor deze damwanden. Om deze voorinvestering te rechtvaardigen, was besluitvorming op bestuurlijk niveau essentieel.
Projectmanager Jeroen Braakman: “Een voorinvestering vraagt lef en vertrouwen. Er moesten afspraken worden gemaakt over het transport van de damwanden en over de depotvoorzieningen – waar de damwanden tijdelijk zouden worden opgeslagen.” Het projectteam heeft hiervoor een krediet aangevraagd bij Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten. “Dankzij dit krediet konden we de investering doen.” Op het depot zijn de damwanden gesorteerd, gereinigd en op maat gemaakt, zodat ze in verschillende projecten opnieuw kunnen worden gebruikt.
Een belangrijke les: hergebruik vraagt om een flexibele mindset, vertelt programmamanager Eugenie ten Hag. “Anders dan in een winkel waar je iets nieuws bestelt en koopt, moet je bij hergebruik nadenken over hoe en waar bestaand materiaal kan worden toegepast. Je moet soms omgekeerd denken, als het ware: niet denken vanuit het ontwerp en daar je materiaal op baseren, maar andersom – denken vanuit het materiaal: welke toepassing of welk ontwerp kun je daarmee maken? Resultaat: minder afval en minder gebruik van primaire grondstoffen. De keuze voor tweedehands stalen damwanden levert een CO-reductie op van 60-80% ten opzichte van het plaatsen van nieuwe stalen damwanden. Dat deze flexibele mindset succesvol is, is duidelijk.”
De gemeente Utrecht hergebruikt in het Wervengebied buispalen. Zij doen dit binnen het lopende raamcontract middels een Kernwaardencontract, waarbij opdrachtgever en aannemer samenwerken vanuit kernwaarden. Zoals open en transparant werken. Alle processen, inhoud, het ontwerp en realisatie worden vanuit deze waarden aangestuurd. Zowel in de eerste fase (voorbereiding) als in de tweede fase (uitvoering).
De keuze voor het toepassen van hergebruikte buispalen komt vanuit de zwaartepuntanalyse van de MKI-berekening. Deze berekening maakt inzichtelijk welke materialen in de infrastructuur de grootste milieu-impact hebben. De gemeente zet de MKI in om tijdens het ontwerp- en maakproces met heldere taal en indicatoren maatregelen af te wegen en besluiten over toepassing te beargumenteren.
Anders dan bij traditionele contracten waarbij de opdrachtgever vooraf gedetailleerde specificaties geeft voor wat er gemaakt moet worden, waar de opdrachtnemer dan weer een vaste prijs voor geeft. In het kernwaardencontract wordt de manier van samenwerking tussen de marktpartij en de publieke organisatie als het hoogste goed beschouwd. Dit maakt het mogelijk om de inkoopkracht (MVOI) van de gemeente constant in te zetten om zo duurzaam mogelijk te werk te gaan.
De contractvorm is een samenwerkingsverbintenis. Initieel voor drie jaar, en kan worden verlengd tot negen jaar. Doordat de gemeente met dezelfde partij blijft samenwerken, is het proces opener en eerlijker, wat ruimte biedt voor het onderzoeken van nieuwe mogelijkheden en oplossingen.
Jip Nelissen, duurzaamheidsmanager bij de gemeente: “Ik zou bij wijze van spreken nu de aannemer kunnen bellen en zeggen dat ik een partij buispalen heb gevonden: laten we die kopen. Bij een klassiek contract zou een aannemer waarschijnlijk niet meewerken aan dergelijke aanpassingen of extra kosten voorleggen. Nu is hij juist enthousiast, gaat meedenken, mee onderhandelen of de palen direct keuren.”
De openheid in het contract maakt het ook mogelijk om proactief te handelen. “We kunnen besluiten om materialen alvast in te kopen, zelfs als de precieze werkzaamheden nog niet vastliggen. Zo hielp deze contractvorm ons bij de technische uitdagingen die we tegenkwamen. Bijvoorbeeld bij het flenzen en schoonmaken van buizen, keuring en certificering, logistieke handeling en opslag.”
De gemeente Steenwijkerland heeft in 2023 damwanden en stalen palen hergebruikt bij een nieuwe verkeersbrug. Het gaat om de brug in de Worstdijk bij Kuinre. De damwanden zijn geplaatst om de oever te beschermen en staan rondom de fundering van de brug. Ze zijn afkomstig van een kunstwerk van de provincie Overijssel, uit het dorp Ossenzijl.
Het project is een succesvolle pilot gebleken waar de gemeente veel van heeft geleerd. Robert de Jager, senior adviseur BOR bij de gemeente, zegt: “Ook met hergebruikt materiaal kunnen we een veilige en mooie verkeersbrug bouwen.” Wel gaat er wat extra tijd zitten in de afstemming, vertelt hij. “Deze materialen kwamen bijvoorbeeld vrij bij een werk van de provincie. Over de beschikbaarheid was lange tijd onduidelijkheid. Daarover moet goed worden afgestemd.”
De provincie Drenthe gebruikt veel betonnen damwanden. Wanneer deze damwanden vrijkomen, bijvoorbeeld vanwege een herinrichting, kan hergebruik ook een optie zijn. Fokke Kootstra, constructeur bij de provincie Drenthe, legt uit hoe hij dit zou aanpakken. Het proces is vergelijkbaar met het hergebruiken van stalen damwanden. “Allereerst is het belangrijk dat je zoveel mogelijk gegevens verzamelt over de damplanken die vrijkomen. Denk aan het jaar van aanleg, afmetingen, de betonkwaliteit en de wapening die erin zit. Deze informatie is nodig om te bepalen hoeveel kracht de damwand kan opnemen.”
Van nieuwere damwanden zijn deze gegevens soms terug te vinden in een materialenpaspoort. Bij oudere damwanden raadt Fokke aan om een visuele inspectie te doen wanneer de damwand is verwijderd. “Zoek naar betonschades, roestplekjes, afgebroken stukken beton, scheurtjes en breuken.” Als de damwand nog goed lijkt, dan kun je een of enkele planken open breken om vast te stellen hoeveel en wat voor wapening erin zit.
Daarnaast raadt Fokke aan om bij oudere planken extra te letten op de indringing van chloride vanaf de buitenzijde. “Normaal gesproken beschermt het alkalische milieu van beton de wapening. Die bescherming valt weg wanneer schadelijke stoffen, zoals chloride, te dicht bij de wapening komen. Dit kan de restlevensduur beïnvloeden.”
Ook al hebben oudere damwanden vaak een kleinere betondekking, dit hoeft hergebruik niet in de weg te staan. Fokke: “De afstand van de betonrand tot de wapening is kleiner dan volgens de nieuwste normen is vereist. Maar dit zou je door de vingers kunnen zien als uit onderzoek blijkt dat de damwand verder in zeer goede staat verkeert en er geen indringing van schadelijke stoffen heeft plaatsgevonden.”
6. Veelgestelde vragen
Hoe weet je of hergebruikte damwanden geschikt zijn voor een project?
Het is aan de projectleider om te bepalen of de aard van de constructie hergebruikte damwanden toelaat en aan welke minimale eisen de damwanden moeten voldoen. Deze eisen hangen af van het project, de locatie en de functie van de damwanden. Stel – eventueel samen met een ingenieursbureau – onder andere vast:
Waar de damwand wordt geplaatst en wat de nieuwe functie wordt.
Of de damwand gronddicht en/of waterdicht moet zijn.
Hoe lang de damwand mee moet gaan.
Welke staalkwaliteit je minimaal nodig hebt voor de sterkte van de wand.
Wat de maximaal toegestane afname van materiaaldikte mag zijn als gevolg van roest.
Welke mogelijke schade, zoals gaten of gesleten verbindingen, je wel en niet toestaat.
Of je reparaties bij schade toestaat.
Welke planklengte(s) je nodig hebt.
Welk type plank goed zou passen.
De opdrachtnemer controleert vervolgens de staat van de aangeboden planken: lengte, dikte, sterkte, aanwezigheid van coating of verontreinigingen, slijtage van sloten en eventuele schades. Wanneer de planken voldoen aan het PvE, zijn ze inzetbaar.
Is het gebruik van hergebruikte damwanden toegestaan binnen de geldende normen en regelgeving?
Voor nieuwe stalen damwanden gelden product- en ontwerpnormen zoals NEN-EN 1993-5, NEN-EN 1997-1, NEN 9997-1 en NEN-EN 10248/10249. Bij hergebruik kan hier niet altijd volledig van worden uitgegaan, omdat de oorspronkelijke productkwaliteit door corrosie, slijtage of eerdere belasting is veranderd. Daarom werkt de branche, onder leiding van Bouwen met Staal, aan een aanvulling op de NTA 8713, waarin wordt beschreven hoe gemeenten en aannemers moeten omgaan met variabele kwaliteit, onbekende staalsterktes en restlevensduur.