1. Wat bedoelen we hiermee?

Een circulaire betonketen houdt in dat beton na gebruik niet eindigt als afval, maar dat bijvoorbeeld betonnen brugliggers die vrijkomen worden hergebruikt, of dat beton hoogwaardig wordt ingezet als grondstof voor nieuw beton. Deze paragraaf spitst zich toe op het laatste. Een kubieke meter beton levert na breking 50-55% grof betongranulaat dat je als grind kan gebruiken in nieuw beton, 35-40% fijn betongranulaat dat je als zand kan gebruiken en 10% vulstof (concrete fines). De percentages zijn afhankelijk van het type breker/breektechnologie. Vooral hergebruik van het grove materiaal wordt al veel uitgevraagd. Het Betonakkoord zet zich sector- en ketenbreed in voor de verduurzaming van beton (zie het document Koers naar 2030) en streeft ernaar dat ook al het fijne materiaal en het vulstof weer terugkomt in beton. De techniek is nog onderwerp van verder onderzoek. In het Betonakkoord staan onder andere streefwaarden en limietwaarden voor hergebruik van gerecycled materiaal, naast de bestaande uitgangspunten op gebied van sterkte, levensduur en milieu-impact. Omdat er meer wordt gebouwd dan gesloopt, is er maar een beperkte hoeveelheid betongranulaat beschikbaar. 

2. Waarom deze maatregel?

Door te werken met een circulaire betonketen gaan er minder grondstoffen verloren die waardevol zijn en niet altijd even makkelijk beschikbaar. Zo stelt het productblad over betonrecycling van SloopCirculair dat bij een sloopproject 90% van het beton zo behandeld moet worden dat het granulaat oplevert voor nieuw beton. Een volgende stap is dan om het materiaal hoogwaardig te hergebruiken (en dus niet als materiaal voor wegfundering). Toepassing van dit productblad maakt dat aanzienlijk minder nieuw zand, grind en kalksteen nodig is. Ook wordt de hoeveelheid betonafval die moet worden gestort op deze manier aanzienlijk verkleind, en kan er door circulair beton te gebruiken op kosten voor grondstoffen worden bespaard.

3. Regelgeving

De NEN-EN 206-1 geeft een tabel, waarin betongranulaat afhankelijk van de milieuklasse toegepast mag worden. De NEN 8005 verklaart 30% grof betongranulaat toepasbaar in alle beton indien kwaliteit A1.

De ‘CROW-CUR Aanbeveling 127:2021’ geeft aanbevelingen voor het toepassen van fijne en/of grove fracties betongranulaat in beton. De constructieve rekenregels conform NEN-EN 1992-1-1 (inclusief Nationale Bijlage) zijn ongewijzigd van toepassing, om de kwaliteit van de gerecyclede betonketen te waarborgen.

4. Wie moet wat doen?

Het verschilt nu echter nog van gemeente tot gemeente welke voorwaarden er bij welke projecten worden gesteld aan de circulariteit en duurzaamheid van beton in kunstwerken. Er wordt veel gewerkt met het productblad betonrecycling van SloopCirculair, en ook met landelijke richtlijnen, zoals de RTD 1033 en de Richtlijnen Ontwerp Kunstwerken (ROK) van Rijkswaterstaat.

Bij de gewenste mate van circulariteit moet ook rekening worden gehouden met uitgangspunten als sterkte en levensduur. Bij toepassing van circulair beton in bijvoorbeeld een brug moeten die uiteraard veel zwaarder meewegen dan in een opsluitband. Ofwel: het gebruiksdoel bepaalt mede de mogelijke mate van circulariteit.

Een tweede aandachtspunt is dat in de praktijk een strijdigheid kan ontstaan tussen het verhogen van de mate van circulariteit aan de ene kant en het verlagen van de milieu-impact aan de andere kant. Komen er te veel vreemde materialen in het beton terecht, dan kan granulaat van dat verontreinigde beton later mogelijk niet meer worden gebruikt en moet het alsnog worden gestort. Tot slot moet circulair beton lokaal worden ingezet: het milieuvoordeel gaat verloren als het over meer dan 25 kilometer moet worden vervoerd.

Bij een gemeente zijn diverse mensen betrokken bij het implementeren van de circulaire betonketen. Als de gemeentelijke ambities zijn vastgesteld, zorgen beleidsambtenaren op het gebied van duurzaamheid en gebiedsontwikkeling ervoor dat de kaders worden vastgelegd en de eisen worden opgenomen in omgevingsvisies, bouwverordeningen en beleidsplannen.

Inkoop- en aanbestedingsadviseurs vertalen vervolgens de productbladen (zoals het productblad Beton) naar concrete eisen in bestekken en contracten. Zij zorgen er zo voor dat opdrachtnemers weten welke circulaire prestaties ze moeten leveren en rapporteren. Praktisch gezien is het vervolgens aan projectleiders, directievoerders en programmamanagers om samen met aannemers, architecten en leveranciers op uitvoering toe te zien.

Toezichthouders  controleren tot slot of projecten voldoen aan circulariteitseisen en productbladen, en of afgesproken percentages voor hergebruik of recycling ook echt worden gehaald.

5. Praktijkervaringen