Voor het onderhoud van kustlijn en vaargeulen worden jaarlijks miljoenen tonnen materiaal verzet. Denk aan strandsuppleties, vaargeulonderhoud en baggerwerken in rivieren, havens en kanalen. Deze werkzaamheden zijn essentieel voor waterveiligheid, bereikbaarheid en economie. Tegelijk veroorzaken de gebruikte schepen en werktuigen uitstoot van CO₂, stikstof en fijnstof, en komt er veel materiaal vrij dat niet altijd hoogwaardig wordt hergebruikt. Het transitiepad richt zich daarom op twee hoofddoelen:
- Emissiereductie van varend materieel.
- Circulair gebruik van baggerspecie en grond, zodat waardevolle materiaalketens beter worden benut en milieubelasting wordt beperkt.
De roadmap biedt een gezamenlijke koers voor publieke opdrachtgevers en maakt duidelijk welke stappen nodig zijn om de sector te verduurzamen.
Roadmap
De roadmap bevat:
- een gezamenlijke visie richting 2030–2050
- een sectorbreed uitvoeringsplan
- maatregelen voor emissiereductie én circulariteit
- randvoorwaarden voor innovatie, regelgeving, samenwerking en monitoring
- afspraken die aansluiten bij de SEBaanpak (Schoon en Emissieloos Bouwen)
De roadmap is opgesteld met Rijk, provincies, waterschappen, gemeenten, marktpartijen en kennisinstellingen.
Definitie circulariteit in de baggerketen
Bij het beheer van kustlijnen en vaargeulen komen jaarlijks grote hoeveelheden baggerspecie vrij. Dit wordt gelukkig al veelvuldig gezien als een materiaalstroom die veel kansen biedt voor ecologie, gebiedsontwikkeling en grondstofvervanging. Het ontbrak echter nog aan een gedeeld begrippenkader en meetmethode. Het rapport Definitie Circulariteit in de Baggerketen brengt daar verandering in. Met deze sectorbrede definitie ontstaat een gemeenschappelijke taal, wat zorgt voor betere samenwerking met minder misverstanden en beter onderbouwde keuzes richting een circulaire waterbeheerpraktijk.
Het rapport biedt:
- een heldere definitie van circulariteit in de baggerketen, passend bij nationale en internationale kaders;
- concrete indicatoren voor preventie, hergebruik, substitutie en storten, zodat waterbeheerders en marktpartijen uniform kunnen meten en sturen op circulariteit
- toepasbare handvatten voor beleid, vergunningverlening, aanbestedingen en uitvoering, gekoppeld aan bestaande wet- en regelgeving en sectorale standaarden.
Bij de totstandkoming is grote groep deskundigen betrokken vanuit overheden (ministerie van I&W, Rijkswaterstaat, provincies en waterschappen), kennisinstellingen, bedrijfsleven, onderwijs en wetenschap. Het rapport richt zich op iedereen die werkt aan circulair en duurzaam beheer van watergangen en waterwegen, zoals: waterbeheerders, ingenieursbureaus, aannemers, beleidsmakers en kennispartners. Het biedt een gezamenlijk vertrekpunt om circulaire ambities te vertalen naar concrete keuzes in het baggerproces.
Samen duurzaam aanbesteden
Samen met andere publieke opdrachtgevers werken we in het programma Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB) aan het opnemen van doelstellingen op het gebied van natuur, gezondheid en klimaat in projecten. Opdrachtgevers met een hoger ambitieniveau stellen nóg hogere eisen, waarmee emissies verder te verlagen zijn. Daarnaast stimuleert het koploperprogramma innovatie met een systeemsprong, onder andere door de toepassing van Renewable Fuels of Non-Biologic Origin (RFNBO’s) en hernieuwbare elektriciteit, die de transitie ondersteunt en de Nederlandse baggermarkt en scheepsbouw toekomst bestendig maakt.
Inkoopstrategie baggersector
Om verduurzaming in de baggersector te versnellen, werken we met een inkoopstrategie waarin innovatieve, productierijpe maatregelen vertaald zijn in contracteisen. Alle contracten volgen het basis ingroeppad (pelotonaanpak) waarin minimumeisen gelden voor motoren en duurzame energiedragers. Een aantal contracten volgen de koploperaanpak (ingroeipad ‘ambitieus en productierijp’) met hoge duurzame eisen voor motoren en (synthetische) energiedragers. Daarnaast zijn er contracten die innovatieve maatregelen meenemen, zoals RNFBO’s of hernieuwbare elektriciteit (ingroeipad ‘ambitieus en innovatief’).
Langetermijnperspectief
De baggermarkt is kapitaalintensief. Dit vraagt een langjarige doorkijk om investeringen te kunnen afschrijven. De sector heeft relatief duur materieel, dit maakt verduurzamen kostenintensief en vraagt om een extra impuls van de rijksoverheid. De lange levensduur van materieel betekent dat investeren in een duurzaam schip voor meer dan 30 jaar emissiereductie zorgt. Rijkswaterstaat is in opdracht van Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat hierbij aanjager, waardoor gemeenten en waterschappen ook de stap zetten. Samen met medeoverheden kunnen zij een langetermijnperspectief bieden, dankzij de roadmap en ingroeipaden die samen met de markt ontwikkeld zijn. Op dit moment is Rijkswaterstaat samen met betrokken marktpartijen de roadmap aan het actualiseren.
Internationale context
De zeegaande baggermarkt wordt steeds meer beïnvloedt door internationaal beleid, zoals de regelgeving van de International Maritime Organisation (IMO) en de Europese Unie. Belangrijke ontwikkelingen hierin zijn:
- De invoering van het Emission Trade System (ETS) voor offshore-activiteiten (invoering 2025-2027);
- De Renewable Energy Directive (RED) en de concept-Nederlandse vertaling daarvan naar sectordoelen voor verschillende vervoerssectoren
- FuelEU, doel is de vraag naar en het consistente gebruik van hernieuwbare en koolstofarme brandstoffen te vergroten en de broeikasgasemissies van de scheepvaartsector te verlagen
Klimaatneutraal of emissieloos baggeren kent op dit moment nog geen vastomlijnd beleid. Daarom zet het transitiepad Kustlijnzorg en Vaargeulonderhoud niet in op één specifieke technologie maar stimuleert het meerdere oplossingen tot emissiereductie.
Concrete maatregelen
Het transitiepad Kustlijnzorg en Vaargeulonderhoud werkt aan de volgende concrete maatregelen:
- Verduurzamen van (de voortstuwing-, werk- en hulp-)motoren van schepen;
- Het versnellen van de transitie naar duurzame energiedragers;
- Beschermen van de voorraad;
- Zo hoogwaardig mogelijk hergebruik van materiaal.
