Bij onderhoud en herinrichting komen grote hoeveelheden bestratingsmaterialen vrij. Een deel daarvan kan opnieuw gebruikt worden, mits de kwaliteit vooraf bekend is. Een depot is de plek waar deze materialen tijdelijk worden opgeslagen, beoordeeld en geregistreerd. Met een duidelijke kwaliteitsclassificatie – bijvoorbeeld A t/m E – wordt vastgelegd of materialen opnieuw in een winkelstraat, woonwijk of alleen als fundering toepasbaar zijn.
Een depot is dus meer dan opslag. Het is het schakelpunt tussen vrijkomen en opnieuw inzetten van materialen. Het inrichten van een materialendepot is niet een aparte maatregel in de roadmap Verhardingen, maar wel heel nuttig als het gaat om hergebruik van materialen. Vandaar deze aparte paragraaf onder Thema’s, vooral om ruimte te geven aan de praktijkvoorbeelden.
Naast depots zijn er ook digitale marktplaatsen of digitale platforms, die fungeren als een matchingstool voor vraag en aanbod van circulaire materialen, vooral in de bouw-, infra- en groensector. Het helpt partijen om materialen die vrijkomen bij projecten opnieuw in te zetten, maar de daadwerkelijke opslag en logistiek regelen de betrokken bedrijven zelf. Denk aan DuSpot, Circulaire Staalbank Nederland, Nationale Bruggenbank, Circulaire Bouwketen Oost-Nederland, Insert en Marktplaats Circulair.
Waarom een materialendepot
Zonder depot verdwijnen veel materialen naar de breker, terwijl ze technisch nog geschikt zijn voor hergebruik. Dit leidt tot onnodige CO₂-uitstoot en hogere kosten. Door materialen te beoordelen en vast te leggen:
- ontstaat duidelijkheid voor ontwerpers en aannemers;
- kunnen materialen gericht worden toegepast in nieuwe projecten;
- voorkom je dat depots vol raken met onbruikbare partijen;
- wordt hergebruik een logische stap in plaats van een uitzondering.
Een depot geeft grip op zowel logistiek als kwaliteit en maakt circulariteit concreet.
Depotbeheer is niet duurder dan direct afvoeren. De kosten voor opslag en beoordeling worden (ruimschoots) gecompenseerd doordat je minder nieuwe materialen hoeft in te kopen en stortkosten vermijdt. Daarnaast maakt een depot materialen sneller beschikbaar, wat transport en levertijd beperkt.
Wie staat hiervoor aan de lat?
- Beleidsmedewerkers zorgen dat depotbeheer en kwaliteitsbeoordeling onderdeel worden van gemeentelijk beleid.
- Projectleiders organiseren dat vrijkomende materialen naar het depot gaan en daar worden geregistreerd.
- Beheerders en toezichthouders beoordelen partijen op kwaliteit.
- Werkvoorbereiders maken het bestek of laten het maken. Zij kunnen vergelijken tussen welke materialen er vrijkomen en welke er nodig zijn.
- Ontwerpers kijken bij nieuwe projecten eerst naar het depot-aanbod en passen hun ontwerp daarop aan.
- Aannemers leveren materialen schoon en gesorteerd aan.
Praktijkervaringen
Jos Ruigrok, duurzaamheidsadviseur: “In 2022 ben ik begonnen om hergebruik te stimuleren van vrijkomende materialen bij (her)inrichting van de openbare ruimte, dat ging toen vooral om betonstraatstenen. Want ik wil graag zuinig omgaan met de spullen die we hebben. Er was (en is) geen beleid voor circulariteit. Ik koos ervoor om met een beperkt aantal materialen te beginnen, en dan gaat het lopen. Niet te veel materialen ineens, want dan wordt het een rommeltje. Na een tijd ga je (nog) meer structuur aanbrengen en tenslotte formaliseren. Die weg ben ik nu al een paar jaar aan het bewandelen. Ik merk dat het op deze praktische manier heel goed werkt. Vanaf het begin zijn er veel collega’s bij betrokken, je moet het samen doen: de assetmanager, de directievoerder en een kostendeskundige.”
Wat levert het op?
“De kostendeskundige van het Ingenieursbureau heeft in 2022 een kostenvergelijking gemaakt tussen nieuwe betonstraatstenen en gebruikte. Die was al meteen overtuigend.
De kosten voor het leveren en aanleggen van nieuwe betonstraatstenen bedragen € 33,07/m2, inclusief alle bijkomende kosten. De kosten voor het opnemen, transport naar depot, huur van depotruimte, schoonmaken, palletteren, transport naar bestemming en het aanbrengen van gebruikte betonstraatstenen (BSS) bedragen circa € 28,76/m2, inclusief bijkomende kosten. Een voordeel dus van € 4,31-/m2 dat nog verder zal kunnen oplopen door prijsstijgingen van nieuwe materialen. Naast de economische kosten zijn ook de milieukosten (MKI) door een externe partij doorgerekend. De milieukosten, omgezet naar euro’s, komen uit op € 1,72/m2 in het voordeel van gebruikte BSS, wat neerkomt op circa 27,2 kg CO2-eq/m2.
Uitgaande van een jaarproductie van 10.000 m2 BSS is het verschil in CO2-uitstoot tussen hergebruikt en nieuw materiaal 272.000 kg in het voordeel van hergebruik. Dit komt overeen met 1.360.000 autokilometers (34 keer de wereld rond).”
Een eigen depot of uitbesteden?
“Wij hebben een stuk terrein gehuurd bij een derde partij. Een soort depot 2.0. Vroeger had de gemeente zelf een depot met eigen beheerders. Maar de medewerkers hadden niet altijd de hele dag werk en het is vanwege personeelskosten wegbezuinigd. Dus nu huren we een stuk grond bij een marktpartij (Vrijbloed). Zij hebben een omheinde locatie, een weegbrug, zij kunnen de materialen schoonmaken, ze hebben de mensen en de machines. Allemaal belangrijke dingen die wij zelf niet hebben. En als je een depot wil maken hier in de gemeente op een grasveld, dan begin je met vergunningentraject, verharding aanleggen en een hek eromheen. Dat is een randzaak, maar wel belangrijk. En nu is dat dus allemaal geregeld. Er is daar een depotbeheerder. En ik ben aan de gemeentelijke kant de depotbeheerder.”
Toepassen materialen uit het depot
“Ik zie wat er allemaal aan materialen vrijkomt in de bestekken en in de werken die gaan komen. Die informatie geef ik door aan de depotbeheerder. Om de cirkel te sluiten is het allerbelangrijkste om hergebruikt materiaal toe te staan in werken, dan zien de aannemers dat gebruikt materiaal waarde heeft en gaan de straatstenen, betonbanden en tegels niet meer in de breker. De materialen blijven bij ons nooit lang in het depot liggen. Misschien is dat het voordeel van een grotere gemeente, maar in 2025 zijn er al meer dan 100 vrachten in- en uitgegaan. Als materialen in ons depot op zijn, dat zien we nu ook al eens gebeuren, dan kopen wij gewoon gebruikte materialen bij de aannemer of bij Vrijbloed voor een sterk gereduceerd tarief.”
Slordig opbreken voorkómen
“Stel dat bijvoorbeeld betonnen elementen niet meer in hun geheel kunnen worden hergebruikt, wat dan? Leveranciers die nieuwe stenen maken, willen dat graag doen met secundair materiaal uit het breekproces. Maar dat is er onvoldoende vanwege onzorgvuldige sloopprocessen. In de bestekken nemen we daarom op dat wanneer de verharding niet meer geschikt is voor hergebruik (als geheel), deze moet terugkomen als secundair materiaal in nieuwe stenen. Dus geen laagwaardig hergebruik als wegfundering, maar hoogwaardig. De aannemer moet aantonen dat zij het beton netjes hebben gescheiden en apart gehouden en dat het weer naar een fabrikant is gegaan als secundair materiaal voor nieuwe stenen. Wij eisen dit altijd in onze bestekken (BRL-2506-1).”
De gemeente ging hiervoor een samenwerking aan met aannemers Dura Vermeer, Heijmans en Van Gelder, en beheerder Vrijbloed Transport. De hub moet bijdragen aan het streven van Haarlem om in 2040 geheel circulair te werken. “Dat betekent altijd hergebruik, tenzij het echt niet kan”, zegt Lars Sies, bedrijfsleider bij Heijmans. “En dat streven haal je alleen maar met zo’n depot.” De gemeente denkt haar jaarlijkse CO2-uitstoot er nu al met zo’n 400 ton mee te kunnen reduceren.
De Haarlemse hub is inmiddels flink gevuld en het gebruik is goed op gang gekomen, zegt Sies. Er liggen vooral elementen en verhardingen zoals betontegels, betonstraatstenen, betonbanden en gebakken materialen. Ook wordt er bruikbaar hout van in de gemeente gevelde bomen opgeslagen. Alle materialen die beschikbaar zijn of komen worden aangeboden in een speciale app. Materiaal dat in de hub ligt en nog niet door een van de deelnemende partijen is besproken, kan ook door (kleinere) andere partijen worden gebruikt. Zij mogen ook leveren aan het depot. “Maar dan wel in bruikbare hoeveelheden, dus geen klein stapeltje klinkers ”, aldus Sies.
De gemeente maakt daarom sinds enige tijd gebruik van DuSpot, een digitale marktplaats waar overheden en aannemers beschikbare materialen kunnen aanbieden en aanvragen. Volgens Herman Weekamp, projectleider openbare ruimte, heeft dat nog niet tot veel matches geleid, maar begint het op gang te komen. “Ik zocht laatst een lading klinkers, en plaatste dat op DuSpot. De gemeente Enschede had gebruikte klinkers liggen, maar helaas matchte de timing niet. Ik vond ze uiteindelijk wel via DuSpot in het midden van het land. Nieuw weliswaar, maar bij een leverancier die ik anders niet had gevonden.”
Het voorbeeld laat volgens Weekamp zien dat timing heel belangrijk is als een gemeente geen depot heeft. “Als je weet wanneer er materiaal vrijkomt, zet het dan meteen op DuSpot. Een zoekende gemeente ziet dan wanneer het beschikbaar is, en kan het inpassen. Op een te laat moment lukt dat niet meer. En dat is een gemiste kans, want dan vervalt het materiaal aan de aannemer.” Dat vereist ook dat iedere betrokkene in de hele gemeentelijke organisatie bewust en alert moet zijn. “Anders blijft het rommelen in de marge”, aldus Weekamp. Idealiter krijgt Hardenberg een eigen depot, al dan niet samen met buurgemeenten, zegt hij. “Want meer deelnemers, meer materialen, meer kansen! En circulair worden moet uiteindelijk iedereen.”
Het depot voor de pilot werd najaar 2024 opgezet voor één groot buitenruimteproject, en richtte zich in eerste instantie op het wassen en hergebruiken van betonklinkerkeien. “Maar we merken dat er vanuit andere gemeentelijke projecten ook vraag is, en inmiddels liggen er ook stoeptegels, opsluitbanden en betongranulaat”, zegt projectmanager Esther Hoenderop. “We hebben ook geëxperimenteerd met het opslaan van grond, maar dat doen we niet meer. Dat bleek in praktijk te gecompliceerd”, aldus Hoenderop.
Materialen zoals betonnen elementen, kolken en randen worden op het depot apart gehouden en beoordeeld op mogelijk hoogwaardig hergebruik. Te hergebruiken bankjes en speeltoestellen kunnen ook terecht in het depot, evenals stammen van gevelde bomen. Die kunnen bijvoorbeeld als natuurlijke afscheiding worden ingezet. Het depot is in eerste aanleg bedoeld voor gemeentelijke projecten, maar externe bedrijven kunnen er via hun contactpersonen bij de gemeente ook gebruik van maken. “We hebben goede contacten met aannemers, en we kijken ook samen met hen naar de mogelijkheid van een externe variant van het depot. Want ons streven is om straks standaard circulair te werken, tenzij dat écht niet kan”, zegt Hoenderop.
In de Inspiratiegids Circulaire Bestrating staat (op pagina 6 e.v) een uitgebreid artikel over de gemeente Utrecht die het circulaire depot inzet als fundament voor circulair ontwerpen in bestrating.
Alle vrijkomende materialen worden er opgeslagen, beoordeeld en opnieuw gebruikt. Uitvoerder Bas van der Veer geeft aan dat de strenge toelating belangrijk is: “Als er klinkers uit het depot komen, wil je vooraf weten of ze schoon, heel en geschikt zijn. Dat geeft vertrouwen.” Meer over de Utrechtse praktijkervaring, maar dan wat betreft riolering lees je bij paragraaf 6.4 Toepassen vrijkomende objecten.
